groetjes.grietje

Groet­jes­gri­et­je, klinkt dat niet mooi? Een liefe­lijk meis­je dat de groet­jes over­brengt. Diverse media zijn haar werkveld: radio, de straat, aan de voordeur… Zomaar, of voor een spe­ciale gele­gen­heid. En op de dag van de een­za­me mens dan is het gratis, een unieke goed-doel actie.

het wordt hier akelig donker

het wordt hier ake­lig donker
en de wind steekt op
en het rom­melt gorge­lend bru­ust in de lucht

mag ik nu naar huis om onder een deken­t­je weg te kruipen met een dis­ney­film? en ook een warme choco met gem­ber.

eland.hert.poëzie

voor het geval je het je afvraagt
het eland.hert pronkt nog steeds op mijn bureau
dat zwarte mdf staat hem wel
dit is een tussen­ti­jd­se fase, een wacht­posi­tie
tot er een echt plek­je is gevon­den, een ere plek­je

stel je even voor

Af en toe moet je iets nieuw begin­nen. En dan plots ben je ergens op een nieuwe plek met nieuwe mensen waar nie­mand elka­ar kent. Dan vol­gt het gevrees­de moment: Wie ben je? Stel je even voor. We doen even een rond­je.

Ik ben E., 32 jaar, onge­huwd, woonachtig te Leu­ven en geef les”. Is dat wie ik ben? Ben ik een naam, een cijfer dat mezelf in de tijd neerzet, een gps local­isatie en een jobtitel? Nee toch!

Ik ben dat meis­je in het felo­ran­je rokje met wit­te bol­len en smur­fen­blauw tru­it­je dat glim­lachend en bij­na hup­pe­lend door de straten van Leu­ven doolt. I sing along to songs i don’t like op de radio, lief­st zo vals mogelijk, bin­nen­shuis. Ik ben een kei in nagel­bi­jten. En wan­neer weer eens een vreemde vieze man me tij­dens het kruisen een fluis­teren­de opmerk­ing maakt over mijn wulpse cup­size dan wan­del ik glim­lachend verder want ik mag er lekker wel aan komen.

stel je even voor

Af en toe moet je iets nieuw begin­nen. En dan plots ben je ergens op een nieuwe plek met nieuwe mensen waar nie­mand elka­ar kent. Dan vol­gt het gevrees­de moment: Wie ben je? Stel je even voor. We doen even een rond­je.

Ik ben E, x jaar, onge­huwd, woonachtig te Leu­ven en werk x”. Is dat wie ik ben? Ben ik een naam, een cijfer dat mezelf in de tijd neerzet, een gps local­isatie en een jobtitel? Nee toch!

Ik ben dat meis­je in het felo­ran­je rokje met wit­te bol­len en smur­fen­blauw tru­it­je dat glim­lachend en bij­na hup­pe­lend door de straten van Leu­ven doolt. I sing along to songs i don’t like op de radio, lief­st zo vals mogelijk, bin­nen­shuis. Ik ben een kei in nagel­bi­jten. En wan­neer weer eens een vreemde vieze man me tij­dens het kruisen een fluis­teren­de opmerk­ing maakt over mijn wulpse cup­size dan wan­del ik glim­lachend verder want ik mag er lekker wel aan komen.

today is an x.y.u. day

jump, pogo, wave the arm, shout along with the song. TAT TAT! KABOOM BOOM! Now take THAT! And just a bit of THIS! feel­ing  every word, may­be even under­stand some and then lose that com­pre­hen­sion is a bliss. while danc­ing, live the moment of rage, feel the fine line between san­i­ty and insan­i­ty, in memo­ri­am of hap­pi­ness and sad­ness, the good things in life and all that suxx. rage it out until your body falls down to the floor. exhaust­ed and emp­ty.

and then, have some fine cham­pag­ne in a beau­ti­ful glass. and feel the beau­ty of life while the bub­bles and flu­id play­ful­ly caress your tongue and then slow­ly flow down your thoat. enjoy. life. live. life.

niet echt lekker smullen

nam een eetle­pel van de oude — niet zo lekkere — mues­li. en een eetle­pel all bran — ook niet echt lekker. kapte bei­de in een kom half gevuld met volle yoghurt van car­refour uit een pak van 1 liter. en voegde twee eetle­pels krieken op sap uit een bokaal toe. smul­len maar.

wafelboom

de man brengt appe­len rond. wan­neer breng je wafels, vroeg ik. appe­len groeien aan een boom in de tuin, kreeg ik als repliek. een wafel­boom! ik wil een wafel­boom, vrolijk­te ik zacht­jes met glim­mende oog­jes. een wafel kan ik voor je planten, kreeg ik als antwo­ord.

ik zie het al hele­maal voor me: het put­je in de zachte bru­ine aarde, de wafel erin. het schep­je waarmee de wafel in het put­je wordt toegedekt. en het put­je uitein­delijk hele­maal terug opvulde. gelijk met de grond. de onder­aard­se wafel. de wafel kon begin­nen kiemen en groeien. en dan in de lente zou ik wafels plukken en smul­len.

in een flits van een sec­on­de besefte ik dat een wafel zo hele­maal niet kan groeien. con­cept: com­pos­ter­ing.

de aarde zal de wafel verzwel­gen! ik keek onthut­st, voelde me ontred­derd. en de man, hij wan­delde weg.

8-schatten.thee

ik laat me ver­lei­den door woor­den. woor­den die stre­len. zoals de 8 schat­ten thee op de menukaart van de wok on air. idyl­lis­ch geserveerd in een gieti­jz­eren theepot en een kop­je waar je bei­de han­den rond kan vouwen. puur genot.

luchtverversing zonder tocht

sinds kort pen­del ik dagelijks tussen leu­ven en has­selt. vorige week mocht ik zo een trein­rit doen in van die oude tre­in­stel­len. zon­der automa­tis­che deuren, zon­der air­co en ik dacht goh wat is het hier gezel­lig en goed ont­wor­pen. de haak­jes om de jas op te hangen die werken. en je kan je tas degelijk opber­gen. de deuren kan je open en dicht doen of laten naar believen. en het luchtververs­ingssys­teem werkt nog met echte buiten­lucht.

Aluminum Plane

 

(un)balanced Fred­er­ic Geurts (8), orig­i­nal­ly upload­ed by Z33 art cen­tre, Has­selt (photo:Kristof Vranck­en)

dit alu­mini­um sculp­tu­ur van Fred­er­ic Geurts in de ten­toon­stelling (un)balanced (tot 7feb2010 in Z33) .. wil ik als cen­traal archi­tec­turaal in mijn loft. zo een groot gedrocht en toch zweeft het. als je er omheen loopt voelt je open­heid en dan weer gebor­gen­heid. de bij­naam moed­er is bij­zon­der raak.

ik voel dans. ik wil daar dansen. ook prachtig hoe de staalplaten aan elka­ar zijn gek­linkt. roept asso­ci­aties met Lock­heed Lounge van Marc New­son (1986) op. en dan de sporen van han­den die aan het sculp­tu­ur gew­erkt hebben, gez­woegd om te platen in vorm te kri­j­gen, om het te plaat­sen .. onbek­ende de handaf­drukken met herken­bare betekenis.